Gustave van de Woestyne.

Zelfportret in St.Martens-Latem (1900)
Zelfportret in St.Martens-Latem (1900)

De Leie loopt nog steeds als een rode draad doorheen deze blog. Aan de oevers van de rivier waren vroeger en zijn nu nog altijd heel wat kunstenaars actief. Zo had je vroeger de befaamde Latemse Scholen. Het waren schrijvers, dichters en kunstschilders die zich aan de boorden van de Leie in groep verenigden en zo hun werken uitdroegen over de hele wereld. Graag zet ik mijn reeks over de Leiekunstenaars verder. Na Emile Claus wil ik deze keer Gustave van de Woestyne even in de kijker zetten.

Gustave van de Woestyne werd geboren in 1881 in Gent. Hij was de jongere broer van schrijver en dichter Karel van de Woestyne.
In zijn jeugdjaren studeerde hij aan de Gentse Academie voor Schone Kunsten. Toen Van de Woestyne in 1900 naar Sint-Martens-Latem verhuisde maakte hij kennis met gerenommeerde kunstenaars, zoals George Minne en Valerius De Saedeleer. Samen vormden ze de kern van de zogenaamde eerste groep van de Latemse School. Als jonge kunstenaar werd Van de Woestyne vrij vlug opgemerkt en algauw kon hij deelnemen aan belangrijke internationale tentoonstellingen in Amsterdam, Den Haag en Venetië.

De twee lentes (1910)

Na zijn huwelijk met Prudence De Schepper bleef het gezin in het Leiedorp wonen. Ze kregen zes kinderen waarvan er eentje na een maand overleed. In 1909 verhuisde het gezin naar Tiegem. Toen de Eerste Wereldoorlog uitbrak moesten ze echter op de vlucht slaan. Via Oostende en Londen, belandden het gezin uiteindelijk in Wales waar ze de hele duur van de oorlog verbleven.
Na de oorlog keerde de familie Van de Woestyne terug naar België en vestigde zich in Waregem. Maar in 1925 verhuisden zij alweer. Deze keer weg van de Leie, naar Mechelen waar Van de Woestyne tot directeur van de Academie voor Schone Kunsten was benoemd. In hetzelfde jaar werd hij docent schilderkunst aan het Nationaal Hoger Instituut voor Schone Kunsten te Antwerpen. Later doceerde hij aan het Hoger Instituut voor Sierkunsten van Ter Kameren in Brussel. Maar tussendoor bleef hij werken aan zijn oeuvre en wierp hij zich op als avant-garde kunstenaar.
Vanaf 1928 kreeg hij hulp en ondersteuning van het Brusselse echtpaar David en Alice van Buuren. Voor hen maakte hij een grote hoeveelheid werk.
Gustave van de Woestyne overleed te Ukkel in 1947, maar werd bijgezet op het Gentse kerkhof Campo Santo, in het familiegraf, waar ook zijn broer Karel rust.  Hoewel hij reeds geruime tijd niet meer aan de Leie verbleef, zal zijn naam toch voor altijd met de Leiestreek verbonden blijven.

Van de Woestyne was een stille, teruggetrokken en getormenteerde man met een zwakke gezondheid. Zijn werk is zeer grafisch, vol symboliek en met verwijzingen naar oude Vlaamse meesters. Het zijn scherp getekende personencomposities met expressieve vervormingen, in een sfeer van vervreemding en onwerkelijkheid.

Hieronder een selectie uit zijn werk, dat onder meer te bewonderen is in het museum van Deinze en de Leiestreek en in de musea voor schone kunsten van Gent en Antwerpen, alsook in het Groeningemuseum van Brugge, het Van Buuren museum in Ukkel (Brussel) en diverse musea in het buitenland.

Klik op een afbeelding om te vergroten


Geraadpleegde bronnen :
mskgent.be
mudel.be
De nieuwe morgen door Piet Boyens, uitgegeven door Lannoo (2018)
Wikipedia